Welkom te Gijzenzele

.......... De kleinste deelgemeente van Oosterzele

De Klok in Gijzenzele - De geschiedenis van de klok

Artikels

DeKlok Tekst

In 1683 werd een nieuwe klok in de toren gehangen.

Door de Franse regering werden de klokken in de 9 departementen van België opgeëist. De franse opeisingswet van 23.7.1793 werd door de prefect van het Scheldedepartement op 3 vendémiaire jaar VII (24.9.1798) in zijn departement uitgevaardigd. Oorspronkelijk was de firma Wauters de Lannoy et Cie, bevoorrader van het leger, aangewezen voor de verwerking van de klokken. Op 6 nivose jaar VII (26.12.1798) was deze firma oververzadigd en daarom werd door Parijs aan de prefect medegedeeld dat de nog op te halen klokken verkocht waren aan de Citoyens Coste-Caylus-Gevandan et Cie, eigenaars van de gieterijen Le Creuzot.

Het was de regering te Parijs ter kennis gekomen dat de uitvoering van de opeising van de klokken overal werd tegengewerkt en met minachting werd bejegend en dat in vele gemeenten de klokken door de bevolking zelf werden afgenomen en bij de burgers verborgen. Daarom werden op 26 floréal jaar VII (15.5.1799) nieuwe onderrichtingen gegeven voor de wegvoering der klokken. Zij moesten voortaan in grote stukken worden kapotgeslagen en niet in kleine stukken want kleine stukken werden veel te gemakkelijk en in grote hoeveelheden gestolen en ook ongeschonden klokken werden hier en daar bij het transport gestolen. Op 17 frimaire jaar VIII (8.12.1799) werd door de voorzitter, P.F. De Saegher, en de secretaris, J.B. Gijselinck, van het kanton-bestuur aan de administratie van
het Scheldedepartement te Gent medegedeeld dat alle klokken van het kanton Oosterzele uit de kerken waren weggenomen en naar het aangewezen depot in Gent gevoerd. Enkel de klokken van Balegem, Gentbrugge, Landskouter, Oosterzele en Scheldewindeke waren aan stukken geslagen. De andere waren in hun geheel naar het depot van het departement overgebracht. Dat wijst er op dat de meeste klokken van het kanton Oosterzele reeds vóór de nieuwe onderrichtingen van 26 floreal jaar VII (15.5.1799) waren weggenomen.
Op 18 september 1854 werd een nieuwe klok in de toren van de kerk gehangen.

  Tekst van de klok (kerkarchief Gijzenzele)

  Op 26.7.1941 gaf de Duitse bezettende overheid bevel tot een algemene telling van de klokken in de kerken en kapellen. Tegen 30 juli moest worden medegedeeld of de klokken in brons, staal of aluminium waren, alsook hun gewicht en voor zover mogelijk hun ouderdom. Een dergelijke telling was ook in 1918 bevolen. Op 30.10.1941 werd, op bevel van de Duitse opperste legerleiding, aan kardinaal Van Roey medegedeeld dat beslag werd gelegd op de klokken van het Rijksgebied en in al de bezette gebieden. Van deze inbeslagname zouden worden ontslagen:

1. de klokken van de beiaarden,
2. één klok per parochie,
3. de klokken met artistieke of historische waarde.

Reeds op 1 november werd een verordening betreffende de inbeslagname van bronzen klokken in België opgesteld, doch werd door het hoofdkwartier van de Führer voorlopig uitgesteld.

DeKlokFoto

 

  

Een jaar later, op 19.12.1942, werd door de Duitse bezetting bevel gegeven aangifte te doen van alle metalen voorwerpen in België (Verordnungsblatt van 24.12.1942). Op 12.2.1943 werd aan kardinaal Va

De opgeëiste klokken werden in 4 categorieën ingedeeld:n Roey medegedeeld dat, op basis van deze verordening, alle klokken werden opgeëist. Ervan overtuigd dat zijn herhaald protest deze heiligschennende diefstal niet zou beletten, liet hij, samen met de andere Belgische bisschoppen, in al de kerken van het land een op 13.3.1943 gedateerde protestbrief voorlezen.

1. de klokken van 1850 en later kwamen eerst in aanmerking. De klok van Gijzenzele van 1854 behoorde dus tot de eerste groep,
2. de klokken van 1790 tot 1850,
3. de klokken van:1700 tot 1790,
4. de klokken van vóór 1700.

De klokken van staal zouden niet worden gesmolten voor oorlogsdoeleinden doch zouden uit de kerken worden weggehaald om elders als oproepklokken te dienen ter vervanging van weggenomen bronzen klokken.

  

 

De klok van Gijzenzele is nog altijd deze van 1854 (foto Dirk De Ganck)